Beschikbaar in:Alle versies (Werkt in Excel 2007, elke latere versie, Microsoft 365 en Excel voor het web)Voorbeelden vragen Excel 2021 of nieuwerCategorie:Wiskundig

REST

MOD in Engelstalige Excel

Geeft wat er overblijft na het delen van het ene getal door het andere, en is daarmee het hulpmiddel voor alles wat zich in cycli herhaalt.

Moeilijkheidsgraad 2 van 5. De rest zelf is rekenen van de basisschool; het resultaat krijgt het teken van de deler, en het echte gebruik zit in herhalende patronen zoals roosters, klokken en controlecijfers.

Laatst bijgewerkt: 13 oktober 2026

Bekijk de uitgewerkte voorbeelden

Fragment van het werkblad: in D2 staat de formule
RijABCD
1BoekstukBedragEenheidRest
225-0412€12,500.00€ 12.500,001,0001.000500500=REST(B2, C2)=REST(B2; C2)
325-0413€48,000.00€ 48.000,001,0001.000
425-0414€7,342.00€ 7.342,001,0001.000
525-0415€30,250.00€ 30.250,00500500
Formulecel (D2)Invoer

Resultaat: 500

=REST(B2, C2)
=REST(B2; C2)

Wat REST doet en wanneer je het gebruikt

Wat het doet: het geeft de rest na een deling, bijvoorbeeld de 6 flessen die overblijven als 150 flessen in kratten van 24 gaan.

Wanneer je het gebruikt: voor alles wat zich in een cyclus herhaalt: elke n-de rij, een rooster van drie mensen, uren voorbij middernacht, even of oneven getallen, controlecijfers. Heb je het aantal keren nodig dat de deler past, gebruik dan INTEGER of QUOTIENT.

Hoe Excel de functie berekent

Excel berekent eerst getal en deler. Is de deler 0, dan stopt Excel met #DEEL/0!. Anders berekent Excel getal - deler × INTEGER(getal / deler): het bepaalt hoeveel hele delers erin passen, rondt dat aantal naar beneden af en trekt ze eraf.

Omdat INTEGER naar beneden afrondt en niet in de richting van nul, heeft het resultaat altijd het teken van de deler: REST(-3; 24) is 21, niet -3. Dat is precies wat een klok nodig heeft, want 3 uur voor 00:00 is 21:00.

Let op: Excel geeft de rest het teken van de deler.

Denkmodel

Een wijzerplaat met evenveel posities als de deler: je zet zoveel stappen als getal aangeeft, vooruit bij een positief en achteruit bij een negatief getal, en REST is de plek waar je uitkomt.

REST(getal, deler)
REST(getal; deler)
Argumenten
ArgumentSoortBetekenis
getalVerplichtHet getal dat je deelt; je krijgt de rest ervan terug.
delerVerplichtDe lengte van de cyclus; het resultaat ligt tussen 0 en dit getal, met zijn teken.

Geeft terug:De rest van getal gedeeld door deler, met het teken van deler

Formules gebruiken komma's (,) tussen de argumenten, zoals in de Engelse Excel. Formules gebruiken puntkomma's (;) tussen de argumenten, zoals in de Nederlandse Excel. Formules gebruiken puntkomma's (;) tussen de argumenten, zoals in de Nederlandse Excel; de Engelse Excel gebruikt komma's (,).

Uitgewerkte voorbeelden

Beginner

Ronde bedragen in journaalposten

Journaalpostentest op de auditfile van Veldhuis Installatie BV: boekstukken met ronde bedragen verdienen extra aandacht. Per boekstuk kijk je hoeveel er overblijft na deling van het bedrag door een ronde eenheid, bij de meeste boekstukken 1000. Een rest van 0 betekent dat het bedrag een geheel veelvoud van die eenheid is.

Fragment van het werkblad: in D2 staat de formule
RijABCDE
1BoekstukBedragEenheidRest
225-0412€12,500.00€ 12.500,001,0001.000500500=REST(B2, C2)=REST(B2; C2)
325-0413€48,000.00€ 48.000,001,0001.000
425-0414€7,342.00€ 7.342,001,0001.000
525-0415€30,250.00€ 30.250,00500500
6
Formulecel (D2)Invoer

Formule in D2

=REST(B2, C2)
=REST(B2; C2)

Resultaat: 500500

Stap voor stap
  1. Het argument getal is B2 (12,50012.500), deler is C2 (1000). De deler is niet 0, dus Excel kan verder rekenen.
  2. Excel bepaalt eerst hoeveel hele eenheden er passen: 12,50012.500 / 1000 = 12,5, naar beneden afgerond 12.
  3. Daarna trekt Excel die eenheden eraf: 12,50012.500 - 12 × 1000 = 12,50012.500 - 12,00012.000 = 500. D2 toont 500: het bedrag is niet rond.
  4. Kopieer naar beneden. D3: 48,00048.000 / 1000 = precies 48, dus 48,00048.000 - 48,00048.000 = 0: een rond bedrag, om op door te vragen. D4: 7342 / 1000 = 7,342, 7 hele eenheden, 7342 - 7000 = 342.
  5. D5 gebruikt eenheid 500: 30,25030.250 / 500 = 60,5, 60 hele eenheden, 30,25030.250 - 30,00030.000 = 250. Zet C5 op 250 en D5 wordt 0, omdat 30,25030.250 precies 121 × 250 is.

Let op: Een rij zonder eenheid in kolom C geeft #DEEL/0!, omdat een lege cel als 0 telt.

Meer over dit voorbeeld: waarom het werkt, nog 1 valkuil, 1 variant

Waarom het werkt

Een rest is per definitie wat geen hele eenheid meer vormt, dus hij is altijd kleiner dan de eenheid: 0 tot en met 999 bij 1000. Het aantal hele eenheden en de rest vormen samen weer het bedrag: 12 × 1000 + 500 = 12,50012.500. Een rest van 0 is daarom precies de toets voor 'een veelvoud van de eenheid'.

Meer om op te letten

  • Creditbedragen staan in de export vaak negatief. REST(-7342; 1000) geeft 658 en niet 342, omdat het resultaat het teken van de deler krijgt. Toets op ABS(B2) als je debet- en creditregels vergelijkt.

Varianten

=REST(B2, C2) = 0
=REST(B2; C2) = 0

Maakt van de rest een markering: WAAR voor D3, het enige ronde bedrag bij eenheid 1000. Filter op WAAR om de boekstukken voor opvolging op een rij te krijgen.

Halfgevorderd

Boekjaarperiode bij een afwijkend boekjaar

Veldhuis Installatie BV heeft een boekjaar dat op 1 april begint. De export uit de auditfile geeft elke boeking haar kalendermaand, maar de periodeoverzichten van de klant en je afgrenzingstest werken met boekjaarperiodes 1 tot en met 12. De beginmaand aftrekken geeft 0 voor april en negatieve getallen voor januari tot en met maart; de formule moet die terugbrengen naar 1 tot en met 12, en je kopieert hem naar beneden.

Fragment van het werkblad: in C2 staat de formule
RijABCDEFG
1BoekstukKalendermaandBoekjaarperiodeBoekjaar begint in maand44
225-0102221111=REST(B2 - $F$1, 12) + 1=REST(B2 - $F$1; 12) + 1
325-045744
425-08811212
525-012333
625-069099
7
Formulecel (C2)Invoer

Formule in C2

=REST(B2 - $F$1, 12) + 1
=REST(B2 - $F$1; 12) + 1

Resultaat: 1111

Stap voor stap
  1. Excel berekent eerst getal: B2 - $F$1 = 2 - 4 = -2. Februari ligt twee maanden voor het begin van het boekjaar, en geen enkele periode heeft nummer -2.
  2. REST(-2; 12) bepaalt hoeveel hele jaren van 12 erin passen: -2 / 12 = -0,1667, naar beneden afgerond -1.
  3. Daarna trekt REST die jaren eraf: -2 - 12 × (-1) = -2 + 12 = 10. De rest krijgt het teken van de deler, 12, dus hij is positief. Er 1 bij optellen geeft 10 + 1 = 11: februari is boekjaarperiode 11.
  4. De + 1 is nodig omdat REST vanaf 0 telt en periodes vanaf 1. Zonder die + 1 zou april periode 0 zijn.
  5. Kopieer naar beneden; $F$1 blijft vast. Vier voorbeelden:

    • april: 4 - 4 = 0, REST(0; 12) = 0, periode 1
    • december: 12 - 4 = 8, periode 9
    • maart: 3 - 4 = -1, REST(-1; 12) = 11, periode 12
    • september: 9 - 4 = 5, periode 6
  6. Zet F1 op 1 (een boekjaar gelijk aan het kalenderjaar) en februari wordt REST(2 - 1; 12) + 1 = 1 + 1 = 2: de boekjaarperiode is gelijk aan de kalendermaand.

Let op: REST geeft de periode, niet het boekjaar. Januari 2026 is periode 10, maar hoort bij het boekjaar dat op 1 april 2025 begon. Filter je ook op jaar, leid het jaar dan apart af.

Meer over dit voorbeeld: waarom het werkt, nog 1 valkuil, 1 variant

Waarom het werkt

Maanden vormen een cyclus van 12, en REST met deler 12 beeldt elk geheel getal, positief of negatief, af op 0 tot en met 11. Omdat de deler positief is, komen de maanden voor de beginmaand uit als het einde van het boekjaar, zonder ALS. De absolute $F$1 houdt de beginmaand in één cel, zodat dezelfde formule werkt voor een klant met een ander boekjaar.

Meer om op te letten

  • De auditfile kan al een periodekolom hebben op basis van de kalender van de klant, inclusief bijzondere periodes zoals 13 voor afsluitboekingen. Vergelijk je uitkomst eerst daarmee en overschrijf die kolom niet.

Varianten

=ALS(B2 >= $F$1, B2 - $F$1 + 1, B2 - $F$1 + 13)
=ALS(B2 >= $F$1; B2 - $F$1 + 1; B2 - $F$1 + 13)

Hetzelfde resultaat zonder REST: 11 voor februari. Langer en gevoeliger voor fouten, maar het laat zien wat de terugloop doet.

Gevorderd

Steekproefnota's verdelen over het controleteam

Je hebt zes verkoopfacturen uit de XAF-export van Veldhuis Installatie BV geselecteerd voor een controle op onderliggende stukken. Drie teamleden verdelen het werk en nemen om de beurt één factuur. Je wilt één formule die bij elke factuur de naam invult en door de drie namen blijft rouleren, hoe groot de steekproef ook wordt.

Fragment van het werkblad: in C2 staat de formule
RijABCDEF
1FactuurnummerBedragGetest doorTeam
2VF-25-1041€18,450.00€ 18.450,00Sanne de Vries=INDEX($E$2:$E$4, REST(RIJ(A2) - RIJ($A$2), 3) + 1)=INDEX($E$2:$E$4; REST(RIJ(A2) - RIJ($A$2); 3) + 1)Sanne de Vries
3VF-25-1077€2,310.00€ 2.310,00Daan Bakker
4VF-25-1102€9,875.00€ 9.875,00Fatma Yilmaz
5VF-25-1130€64,200.00€ 64.200,00
6VF-25-1158€5,120.00€ 5.120,00
7VF-25-1183€31,790.00€ 31.790,00
8
Formulecel (C2)Invoer

Formule in C2

=INDEX($E$2:$E$4, REST(RIJ(A2) - RIJ($A$2), 3) + 1)
=INDEX($E$2:$E$4; REST(RIJ(A2) - RIJ($A$2); 3) + 1)

Resultaat: Sanne de Vries

Stap voor stap
  1. Excel berekent eerst de binnenste functies. RIJ(A2) is 2 en RIJ($A$2) is 2, dus het verschil is 0: dit is de eerste factuur van de steekproef.
  2. REST(0; 3) is 0. Er 1 bij optellen geeft positie 1, omdat INDEX vanaf 1 telt terwijl REST vanaf 0 telt.
  3. INDEX($E$2:$E$4; 1) geeft de eerste naam in de teamlijst: Sanne de Vries, in C2.
  4. Kopieer naar beneden. In C3 is het verschil 1, REST(1; 3) = 1, positie 2: Daan Bakker. In C4 is het 2, REST(2; 3) = 2, positie 3: Fatma Yilmaz.
  5. In C5 is het verschil 3, en REST(3; 3) = 0: de cyclus begint opnieuw bij positie 1, Sanne de Vries voor factuur VF-25-1130. C6 geeft Daan Bakker en C7 Fatma Yilmaz.
  6. Zet een vierde persoon in E5, verander $E$2:$E$4 in $E$2:$E$5 en de 3 in 4, en het werk wordt over vier personen verdeeld zonder dat je de factuurlijst aanraakt.

Let op: REST(RIJ(A2); 3) + 1 zonder de eerste rij af te trekken lijkt gelijkwaardig, maar begint bij positie 3: Fatma Yilmaz krijgt de eerste factuur. Er verschijnt geen foutmelding, de hele verdeling is verschoven, en een rij invoegen boven de tabel verschuift haar opnieuw.

Meer over dit voorbeeld: waarom het werkt, nog 1 valkuil, 2 varianten

Waarom het werkt

RIJ min de RIJ van de eerste gegevenscel is een teller die bij de eerste factuur op 0 begint en per rij 1 oploopt. REST met de teamgrootte vouwt die teller tot 0, 1, 2, 0, 1, 2, en de + 1 zet dat om in de posities vanaf 1 die INDEX verwacht. De absolute $A$2 verankert de teller, zodat rijen invoegen boven de tabel de verdeling niet verschuift.

Meer om op te letten

  • Pas je de teamgrootte in het bereik aan maar vergeet je de 3, dan blijft REST door drie namen rouleren: de vierde persoon krijgt nooit een factuur, zonder enige waarschuwing. Vervang de 3 door RIJEN($E$2:$E$4), zodat beide hetzelfde bereik volgen.

Varianten

=INDEX($E$2:$E$4, REST(RIJ(A2) - RIJ($A$2), RIJEN($E$2:$E$4)) + 1)
=INDEX($E$2:$E$4; REST(RIJ(A2) - RIJ($A$2); RIJEN($E$2:$E$4)) + 1)

De teamgrootte wordt uit het bereik gelezen, dus een naam toevoegen aan de teamlijst is voldoende. Het resultaat voor C2 blijft hetzelfde: Sanne de Vries.

=REST(RIJ(A2) - RIJ($A$2), 3) = 0
=REST(RIJ(A2) - RIJ($A$2); 3) = 0

Een cyclus van 3 als toets: WAAR voor de 1e, 4e, 7e factuur, de basis van een systematische selectie van elk derde item uit een populatie.

ExpertExcel 2021 of nieuwer (Dit voorbeeld vereist Excel 2021 of nieuwer)

Leveranciersrekeningnummers controleren met een elfproef

In het crediteurenbestand van Veldhuis Installatie BV hebben sommige leveranciers nog een oud rekeningnummer van 9 cijfers dat zo is opgebouwd dat het de elfproef doorstaat: vermenigvuldig de cijfers met 9, 8, 7 tot en met 1, tel de producten op, en het totaal moet deelbaar zijn door 11. Een tikfout of twee verwisselde cijfers vallen dan door de mand. Voordat je betalingen test, wil je elk nummer markeren dat de proef niet haalt, ook nummers met de verkeerde lengte.

Fragment van het werkblad: in C2 staat de formule
RijABCD
1RekeningnummerLeverancierGeldig nummer
2123456789Bakker Staalhandel BVWAAR=LET( brontekst, A2, cijfers, --DEEL(brontekst, REEKS(9), 1), gewichten, REEKS(9, 1, 9, -1), ALS(LENGTE(brontekst) <> 9, ONWAAR, REST(SOMPRODUCT(cijfers, gewichten), 11) = 0) )=LET( brontekst; A2; cijfers; --DEEL(brontekst; REEKS(9); 1); gewichten; REEKS(9; 1; 9; -1); ALS(LENGTE(brontekst) <> 9; ONWAAR; REST(SOMPRODUCT(cijfers; gewichten); 11) = 0) )
3123456798De Groot Transport BV
4538469994Smit Kantoorinrichting BV
512345678Jansen Schoonmaak BV
6853194130Van Dijk IT Services BV
7853194180Peters Verpakkingen BV
8
Formulecel (C2)InvoerOpmerking: De rekeningnummers zijn als tekst opgeslagen, zodat een nummer dat met 0 begint zijn voorloopnul houdt.

Formule in C2

=LET(
  brontekst, A2,
  cijfers, --DEEL(brontekst, REEKS(9), 1),
  gewichten, REEKS(9, 1, 9, -1),
  ALS(LENGTE(brontekst) <> 9, ONWAAR, REST(SOMPRODUCT(cijfers, gewichten), 11) = 0)
)
=LET(
  brontekst; A2;
  cijfers; --DEEL(brontekst; REEKS(9); 1);
  gewichten; REEKS(9; 1; 9; -1);
  ALS(LENGTE(brontekst) <> 9; ONWAAR; REST(SOMPRODUCT(cijfers; gewichten); 11) = 0)
)

Resultaat: WAAR

Stap voor stap
  1. LET geeft het nummer een naam: brontekst is A2, 123456789. cijfers neemt DEEL(brontekst; REEKS(9); 1): REEKS(9) is {1; 2; ...; 9}, dus DEEL haalt elk teken eruit, en het dubbele minteken maakt van de teksten getallen {1; 2; 3; 4; 5; 6; 7; 8; 9}.
  2. gewichten is REEKS(9; 1; 9; -1): 9 rijen, 1 kolom, beginnend bij 9, stap -1, dus {9; 8; 7; 6; 5; 4; 3; 2; 1}.
  3. ALS controleert eerst de lengte. LENGTE(brontekst) is 9, dus ALS gaat door naar de proef. SOMPRODUCT(cijfers; gewichten) = 1×9 + 2×8 + 3×7 + 4×6 + 5×5 + 6×4 + 7×3 + 8×2 + 9×1 = 9 + 16 + 21 + 24 + 25 + 24 + 21 + 16 + 9 = 165.
  4. REST(165; 11): 165 / 11 = precies 15, dus de rest is 0, en 0 = 0 is WAAR. C2 toont WAAR: het nummer is geldig.
  5. Kopieer naar beneden. In A3 zijn de laatste twee cijfers verwisseld: het totaal wordt 166, REST(166; 11) = 1, dus ONWAAR. A4 komt op 264 en A6 op 209, allebei veelvouden van 11, dus WAAR. In A7 staat op positie 8 een 8 in plaats van een 3: 209 + 5 × 2 = 219, REST(219; 11) = 10, ONWAAR.
  6. Rij 5 bevat 12345678, 8 tekens. LENGTE is 8, dus ALS geeft ONWAAR zonder cijfers te gebruiken. Zonder die controle zou DEEL voor positie 9 lege tekst teruggeven, zou het dubbele minteken daar #WAARDE! van maken en zou de cel een foutwaarde tonen in plaats van een duidelijke ONWAAR.

Let op: De omgekeerde fout zijn gewichten in de verkeerde richting, REEKS(9), wat 1 tot en met 9 geeft in plaats van 9 tot en met 1. Voor 123456789 wordt het totaal dan 285 en REST(285; 11) is 10, dus een geldig nummer wordt afgekeurd, en sommige ongeldige nummers komen erdoor.

Meer over dit voorbeeld: waarom het werkt, nog 2 valkuilen, 1 variant

Waarom het werkt

REST met 11 brengt het gewogen totaal terug tot een rest van 0 tot en met 10, en een geldig nummer is een nummer met rest 0. Omdat elke positie een ander gewicht heeft en 11 een priemgetal is, verandert één ander cijfer of twee verwisselde buren altijd de rest, en daarom vangt de proef de gebruikelijke tikfouten. LET verdeelt het werk over benoemde matrices, zodat je de gewichten met het oog kunt controleren.

Gebruik deze opbouw niet voor lange nummers zoals IBAN's: Excel bewaart maar 15 significante cijfers, dus een getal van 20 cijfers dat je direct in REST gebruikt, is zijn laatste cijfers al kwijt. Het alternatief is zo'n nummer in stukken van een paar cijfers te verwerken en de rest van elk stuk mee te nemen naar het volgende; meer werk om te bouwen, maar exact bij elke lengte.

Meer om op te letten

  • Een nummer van negen nullen telt op tot 0, en REST(0; 11) is 0, dus 000000000 komt erdoor. Voeg een test toe zoals brontekst <> "000000000" als er opvulnummers in het stambestand worden getypt.
  • Verwissel je de argumenten, REST(11; totaal), dan krijg je 11 voor elk totaal boven 11, nooit 0, en wordt elk nummer afgekeurd.

Varianten

=REST(SOMPRODUCT(--DEEL(A2, {1;2;3;4;5;6;7;8;9}, 1), {9;8;7;6;5;4;3;2;1}), 11) = 0
=REST(SOMPRODUCT(--DEEL(A2; {1;2;3;4;5;6;7;8;9}; 1); {9;8;7;6;5;4;3;2;1}); 11) = 0

Werkt in elke Excel-versie, met matrixconstanten in plaats van REEKS en zonder de lengtecontrole. Korter, maar een nummer van 8 tekens geeft #WAARDE! in plaats van ONWAAR.

Veelgemaakte fouten

Veelgemaakte fouten
SymptoomOorzaakOplossing
REST(-7; 3) geeft 2, niet -1REST(-7; 3) geeft 2, terwijl je -1 verwachtte.Heb je het teken van het getal nodig, gebruik dan -7 - 3 * GEHEEL(-7 / 3), wat -1 geeft.
#DEEL/0! waar de deler leeg isEen kolom met REST-resultaten toont #DEEL/0! in de rijen waar de cel met de cycluslengte leeg is.Een lege deler telt als 0. Vul hem in, of zet de verwijzing vast met $, zodat elke rij dezelfde cel leest.
Nachtdienst toont ##### of een negatieve tijdEen nachtdienst van 22:00 tot 06:00, berekend als einde - begin, toont ##### of een negatief getal.Tijden zijn delen van een dag, en 0,25 - 0,9167 is negatief. REST(einde - begin; 1) brengt het terug binnen één dag: 0,3333, en dat is 8 uur.

Gebruikt in combinaties

  • Boekingen met ronde bedragen vinden met FILTER, REST, AFRONDEN en ABSMarkeer grootboekregels waarvan het bedrag een exact veelvoud van 1.000 is (en boven een minimum ligt): ABS haalt het teken weg, AFRONDEN haalt kleine rekenverschillen weg, REST toetst het veelvoud en FILTER toont de regels.Excel 2021 of nieuwer (Deze combinatie vereist Excel 2021 of nieuwer)