Beschikbaar in:Alle versies (Werkt in Excel 2007, elke latere versie, Microsoft 365 en Excel voor het web)Voorbeelden vragen Excel 2021 of nieuwerCategorie:Wiskundig

AFRONDEN.NAAR.BOVEN

ROUNDUP in Engelstalige Excel

Rondt een getal af weg van nul op een gekozen aantal cijfers, zodat elk restje als een hele extra eenheid telt.

Moeilijkheidsgraad 2 van 5. De regel is 'weg van nul', niet 'omhoog', dus negatieve getallen gaan de andere kant op dan de naam doet vermoeden.

Laatst bijgewerkt: 13 oktober 2026

Bekijk de uitgewerkte voorbeelden

Fragment van het werkblad: in D2 staat de formule
RijABCD
1DagboekRegelsIntervalSteekproefomvang
2VRK1,2501.25040403232=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2 / C2, 0)=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2 / C2; 0)
3INK9609604040
4BNK2,2102.2105050
5MEM87871010
Formulecel (D2)Invoer

Resultaat: 32

=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2 / C2, 0)
=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2 / C2; 0)

Wat AFRONDEN.NAAR.BOVEN doet en wanneer je het gebruikt

Wat het doet: het rondt weg van nul af zodra er iets overblijft, bijvoorbeeld 2,01 wordt 3.

Wanneer je het gebruikt: als een deel van een eenheid toch een hele kost: dozen voor een aantal stuks, pallets voor een zending, uren in hele kwartieren factureren, licenties voor een aantal medewerkers. Ook voor voorzichtige schattingen. Bij stappen die geen macht van tien zijn, zoals kratten van 12, is AFRONDEN.BOVEN.WISK korter.

Hoe Excel de functie berekent

Excel rekent eerst getal helemaal uit, inclusief een eventuele deling. Dan zoekt het de positie die aantal_decimalen aanwijst en kijkt het naar alles wat rechts daarvan staat.

Is dat allemaal nul, dan komt het getal ongewijzigd terug: AFRONDEN.NAAR.BOVEN(3; 0) is 3, geen 4. Staat er ook maar iets anders dan nul, al is het 0,0001, dan schuift het cijfer op de gekozen positie één stap op, weg van nul, en verdwijnt alles daarachter.

Het minteken doet daarbij niet mee en komt er aan het eind weer voor; daarom wordt -3,14 met één decimaal -3,2 en niet -3,1.

Let op: AFRONDEN.NAAR.BOVEN rondt af weg van nul, niet omhoog: een negatief getal schuift verder van nul af, dus -2,01 wordt -3.

Denkmodel

Een taximeter die aan het begin van elke kilometer tikt: 4,1 km rijden kost 5 tikken, en precies 4,0 km rijden kost er 4.

AFRONDEN.NAAR.BOVEN(getal, aantal_decimalen)
AFRONDEN.NAAR.BOVEN(getal; aantal_decimalen)
Argumenten
ArgumentSoortBetekenis
getalVerplichtDe waarde die je weg van nul afrondt; een getal, een cel of een berekening.
aantal_decimalenVerplichtAantal cijfers dat blijft: 0 voor hele eenheden, 2 voor centen, -2 voor honderdtallen.

Geeft terug:Een getal: weg van nul afgerond op het opgegeven aantal decimalen

Formules gebruiken komma's (,) tussen de argumenten, zoals in de Engelse Excel. Formules gebruiken puntkomma's (;) tussen de argumenten, zoals in de Nederlandse Excel. Formules gebruiken puntkomma's (;) tussen de argumenten, zoals in de Nederlandse Excel; de Engelse Excel gebruikt komma's (,).

Uitgewerkte voorbeelden

Beginner

Hoeveel regels je selecteert per dagboek

Voor een journaalposttest op de XAF-auditfile selecteer je elke 40e regel (systematische selectie). Het verkoopdagboek VRK heeft 1,2501.250 regels, en dat zijn 31,25 selecties; een kwart regel kun je niet toetsen.

Naar beneden afronden laat het einde van de populatie onbedekt, dus je plant er 32. Je wilt een kolom die bij elk dagboek uit het aantal regels en het interval de steekproefomvang haalt.

Fragment van het werkblad: in D2 staat de formule
RijABCDE
1DagboekRegelsIntervalSteekproefomvang
2VRK1,2501.25040403232=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2 / C2, 0)=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2 / C2; 0)
3INK9609604040
4BNK2,2102.2105050
5MEM87871010
6
Formulecel (D2)Invoer

Formule in D2

=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2 / C2, 0)
=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2 / C2; 0)

Resultaat: 3232

Stap voor stap
  1. Excel rekent eerst de deling uit: B2 / C2 = 1250 / 40 = 31,25, het aantal selecties als je een regel zou kunnen opdelen.
  2. aantal_decimalen is 0, dus het cijfer van de eenheden is het laatste dat blijft staan. Wat daarachter staat (,25) is niet nul.
  3. Omdat er een rest is, schuift het cijfer van de eenheden één stap op, weg van nul: 31 wordt 32. De steekproef voor VRK is 32 regels.
  4. Kopieer de formule omlaag. D3: 960 / 40 = precies 24, er blijft niets over, dus INK blijft 24. Komt de deling precies uit, dan voegt AFRONDEN.NAAR.BOVEN geen regel toe.
  5. D4: 2210 / 50 = 44,2, dus BNK geeft 45. D5: 87 / 10 = 8,7, dus MEM geeft 9.
  6. Zet je B2 op 1240, dan wordt D2 31, want 1240 / 40 = 31 zonder rest.

Let op: Is C2 leeg of 0, dan geeft de deling #DEEL/0!, en AFRONDEN.NAAR.BOVEN geeft die fout door. Vul voor elk dagboek een interval in.

Meer over dit voorbeeld: waarom het werkt, 1 variant

Waarom het werkt

De deling geeft het exacte aantal selecties, en de vraag 'blijft er een restje over' is precies wat AFRONDEN.NAAR.BOVEN met 0 decimalen beantwoordt. AFRONDEN geeft voor VRK 31, en INTEGER ook, waardoor het laatste stuk van de populatie buiten de steekproef valt. Alleen AFRONDEN.NAAR.BOVEN maakt van een restje een reden om er een hele selectie bij te doen.

Varianten

=AFRONDEN.BOVEN.WISK(B2 / C2, 1)
=AFRONDEN.BOVEN.WISK(B2 / C2; 1)

Hetzelfde antwoord, met de afrondingsstap uitgeschreven als significantie 1. Kies AFRONDEN.BOVEN.WISK als de stap niet 1 is, bijvoorbeeld als je in blokken selecteert.

Halfgevorderd

Afwijkingen prudent afronden op hele duizenden

In het overzicht van niet-gecorrigeerde afwijkingen zet je het effect van elke bevinding op het resultaat van Veldhuis Installatie BV.

Voor de samenvattende memo rapporteer je hele duizenden euro's, en wel prudent: een bevinding die het resultaat verlaagt (negatief) rond je af weg van nul, zodat het effect nooit te laag staat, en een bevinding die het resultaat verhoogt (positief) rond je af in de richting van nul, zodat je geen voordeel neemt dat er niet is. Eén formule die je omlaag kopieert moet beide regels toepassen.

Fragment van het werkblad: in D2 staat de formule
RijABCDE
1BoekstukGrootboekrekeningEffect op resultaatGerapporteerd
225-041245004500-€4,260.00€ -4.260,00-€5,000.00€ -5.000,00=ALS(C2 < 0, AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2, -3), AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(C2, -3))=ALS(C2 < 0; AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2; -3); AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(C2; -3))
325-051880008000€3,180.00€ 3.180,00
425-073340004000-€1,000.00€ -1.000,00
525-080113001300€750.00€ 750,00
625-090245004500-€400.00€ -400,00
7
Formulecel (D2)Invoer

Formule in D2

=ALS(C2 < 0, AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2, -3), AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(C2, -3))
=ALS(C2 < 0; AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2; -3); AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(C2; -3))

Resultaat: -€5,000.00€ -5.000,00

Stap voor stap
  1. ALS test of C2 < 0. C2 is -4260, dus de test is WAAR en Excel rekent alleen het tweede argument uit: de tak met AFRONDEN.NAAR.BOVEN.
  2. AFRONDEN.NAAR.BOVEN(-4260; -3) stopt bij het duizendtal. Wat rechts daarvan staat (260) is niet nul, dus het cijfer schuift één stap op, weg van nul: -4000 wordt -5000. De kostenbevinding komt als -5,0005.000 in de memo, nooit lager dan ze is.
  3. D3: 3180 is niet negatief, dus de tak met AFRONDEN.NAAR.BENEDEN komt aan de beurt en rondt af in de richting van nul: 3000. De omzetbevinding komt als 3,0003.000 in de memo en de 180 blijft buiten beeld.
  4. De andere rijen:

    • D4: -1000 is negatief, en AFRONDEN.NAAR.BOVEN(-1000; -3) vindt niets rechts van het duizendtal, dus het blijft -1000
    • D5: 750 is positief, AFRONDEN.NAAR.BENEDEN geeft 0
    • D6: -400 is negatief, AFRONDEN.NAAR.BOVEN geeft -1000
  5. Zonder ALS zou AFRONDEN.NAAR.BOVEN alleen van 3180 een 4000 maken en van 750 een 1000: je neemt voordeel dat er niet is. Juist daarom staat het positieve geval apart.
  6. De gerapporteerde kolom telt op tot -5000 + 3000 - 1000 + 0 - 1000 = -4000. De exacte effecten tellen op tot -4260 + 3180 - 1000 + 750 - 400 = -1730, dus de prudente afronding voegt 2,2702.270 aan speelruimte toe aan het netto effect.

Let op: De regel hangt af van het tekenstelsel van het overzicht. Betekent positief 'kosten te laag' in plaats van 'resultaat hoger', dan rondt de formule elke bevinding de verkeerde kant op en ziet elk cijfer er toch keurig uit. Controleer eerst de kop van het overzicht.

Meer over dit voorbeeld: waarom het werkt, nog 1 valkuil, 1 variant

Waarom het werkt

AFRONDEN.NAAR.BOVEN en AFRONDEN.NAAR.BENEDEN zijn elkaars spiegelbeeld rond nul. Combineer je ze in een ALS, dan rond je kosten af weg van nul en voordeel in de richting van nul. Dat is een prudentiebeleid en geen toeval, en de tekentest zet elke bevinding aan de goede kant ervan. Met een negatief aantal_decimalen van -3 werken beide functies op duizendtallen, zonder dat je hoeft te delen.

Meer om op te letten

  • Het totaal van de afgeronde regels (-4,0004.000) is niet het afgeronde totaal van de exacte regels. Rapporteer het netto effect uit de exacte kolom en gebruik de afgeronde kolom voor de afzonderlijke regels, anders sluiten memo en overzicht niet op elkaar aan.

Varianten

=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2, -3)
=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2; -3)

De kale versie, in beide richtingen weg van nul: -4260 wordt -5000 en 3180 wordt 4000. Gebruik dit als het beleid is om elke bevinding weg van nul af te ronden, bijvoorbeeld voor een lijst met uitzonderingen.

Gevorderd

Veldwerkdagen bij toetsen met verschillende doorloopsnelheid

Je plant de veldwerkdagen voor de jaarrekeningcontrole. Elke toets heeft een aantal items en een verwachte doorloopsnelheid in items per dag.

Dezelfde controleur kan meerdere toetsen op één dag doen, dus je rekent het aantal dagen uit over de som van de dagfracties en niet per toets. Een plan dat 2,6 dag aan werk bevat, vraagt om 3 geboekte dagen. In het budget van de opdracht zit bovendien een minimum van 1 dag, ook als alle toetsen zouden vervallen.

Fragment van het werkblad: in E4 staat de formule
RijABCDEF
1ToetsItemsItems per dagDagfracties
2Journaalposten testen72724848
3Afgrenzing45456060Te boeken dagen
4Facturen matchen181812012033=MAX(1, AFRONDEN.NAAR.BOVEN(SOMPRODUCT(B2:B5 / C2:C5), 0))=MAX(1; AFRONDEN.NAAR.BOVEN(SOMPRODUCT(B2:B5 / C2:C5); 0))
5Bevestigingen opvolgen884040
6
Formulecel (E4)Invoer

Formule in E4

=MAX(1, AFRONDEN.NAAR.BOVEN(SOMPRODUCT(B2:B5 / C2:C5), 0))
=MAX(1; AFRONDEN.NAAR.BOVEN(SOMPRODUCT(B2:B5 / C2:C5); 0))

Resultaat: 33

Stap voor stap
  1. De binnenste stap is de deling B2:B5 / C2:C5 over de hele matrix, met één fractie per toets: 72 / 48 = 1,5, 45 / 60 = 0,75, 18 / 120 = 0,15 en 8 / 40 = 0,2.
  2. SOMPRODUCT telt de vier fracties op: 1,5 + 0,75 + 0,15 + 0,2 = 2,6 dag aan werk. SOMPRODUCT dient hier als een SOM die in oudere versies van Excel een matrix verwerkt zonder Ctrl+Shift+Enter.
  3. AFRONDEN.NAAR.BOVEN(2,6; 0): er blijft 0,6 over, dus het cijfer van de eenheden gaat van 2 naar 3. Drie dagen.
  4. MAX(1; 3) legt het minimum van het budget naast de berekende behoefte en geeft de grootste: 3. Het minimum doet pas iets als de afgeronde uitkomst 0 is, en dat gebeurt alleen als er geen items gepland zijn.
  5. Had je per toets afgerond, dan kwam je op 2 + 1 + 1 + 1 = 5 dagen, twee meer dan het plan nodig heeft, omdat de restruimte van elke toets verloren gaat. Doordat je eerst de fracties optelt en daarna één keer afrondt, kom je op 3.
  6. Maak je alle vier de aantallen leeg, dan is de som 0, geeft AFRONDEN.NAAR.BOVEN 0 en tilt MAX dat op naar 1: het minimum van het budget. Zet je B2 op 96, dan komen de fracties samen op 2 + 0,75 + 0,15 + 0,2 = 3,1, dus 4 dagen.

Let op: Is een waarde voor items per dag 0 of leeg, dan geeft de deling op die regel #DEEL/0!, en het hele resultaat ook.

Meer over dit voorbeeld: waarom het werkt, nog 2 valkuilen, 2 varianten

Waarom het werkt

Dagfracties van verschillende toetsen kunnen samen in één echte dag, dus het juiste aantal is het naar boven afgeronde totaal, niet de som van naar boven afgeronde regels. AFRONDEN.NAAR.BOVEN wordt precies één keer toegepast, op het niveau waar de beperking zit: hele geboekte dagen. Met MAX(1; ...) zet je een ondergrens onder een uitkomst zonder dat je een ALS nodig hebt.

Let op

  • Is een waarde voor items per dag 0 of leeg, dan geeft de deling op die regel #DEEL/0!, en het hele resultaat ook.

    Er is ook een variant die niemand opmerkt: wisselt iemand per ongeluk de twee getallen op de regel journaalposten om (48 items, 72 per dag), dan wordt die regel 48 / 72 = 0,667, zakt het totaal naar 1,767 en geeft de formule 2. Dat lijkt aannemelijk, maar je komt een dag tekort.

  • Voor sommige toetsen is een specialist nodig die geen dag met ander werk kan delen (bijvoorbeeld een IT-auditor bij de journaalposttest). Dan is afronden per toets, hier 5, het juiste antwoord, en boekt deze formule te weinig dagen.

Varianten

=SOMPRODUCT(AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2:B5 / C2:C5, 0))
=SOMPRODUCT(AFRONDEN.NAAR.BOVEN(B2:B5 / C2:C5; 0))

Afronden per toets, 5 dagen: gebruik dit als toetsen geen dag mogen delen.

=MAX(1, AFRONDEN.BOVEN.WISK(SOMPRODUCT(B2:B5 / C2:C5)))
=MAX(1; AFRONDEN.BOVEN.WISK(SOMPRODUCT(B2:B5 / C2:C5)))

AFRONDEN.BOVEN.WISK rondt met de standaardsignificantie 1 ook af op een heel getal; bij positieve getallen is het uitwisselbaar met AFRONDEN.NAAR.BOVEN(...; 0).

ExpertExcel 2021 of nieuwer (Dit voorbeeld vereist Excel 2021 of nieuwer)

Ouderdomsklassen van 30 dagen, ook voor nog niet vervallen facturen

Op de ouderdomsanalyse debiteuren per 31 december 2025 heeft elke openstaande factuur een aantal dagen over de vervaldatum. Je wilt de bovengrens van de klasse van 30 dagen: 47 dagen hoort in de klasse 60. Een factuur die nog niet vervallen is, heeft een negatief aantal dagen en hoort in de lopende klasse (0), niet in een klasse van min 30.

Met een negatief aantal_decimalen kom je niet op veelvouden van 30, dus de formule moet schalen met de klassegrootte, en het blad moet leesbaar blijven voor wie het later overneemt.

Fragment van het werkblad: in D2 staat de formule
RijABCDEFG
1FactuurnummerRelatieDagen over vervaldatumKlasseKlassegrootte (dagen)3030
2FA-25-0891D100147476060=LET( aantalDagen, C2, stap, $F$1, eenheden, aantalDagen / stap, geheleStappen, ALS(aantalDagen < 0, AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(eenheden, 0), AFRONDEN.NAAR.BOVEN(eenheden, 0)), geheleStappen * stap )=LET( aantalDagen; C2; stap; $F$1; eenheden; aantalDagen / stap; geheleStappen; ALS(aantalDagen < 0; AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(eenheden; 0); AFRONDEN.NAAR.BOVEN(eenheden; 0)); geheleStappen * stap )
3FA-25-0902D10143030
4FA-25-1033D10079191
5FA-25-1120D1022-12-12
6FA-25-0710D1003200200
7
Formulecel (D2)Invoer

Formule in D2

=LET(
  aantalDagen, C2,
  stap, $F$1,
  eenheden, aantalDagen / stap,
  geheleStappen, ALS(aantalDagen < 0, AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(eenheden, 0), AFRONDEN.NAAR.BOVEN(eenheden, 0)),
  geheleStappen * stap
)
=LET(
  aantalDagen; C2;
  stap; $F$1;
  eenheden; aantalDagen / stap;
  geheleStappen; ALS(aantalDagen < 0; AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(eenheden; 0); AFRONDEN.NAAR.BOVEN(eenheden; 0));
  geheleStappen * stap
)

Resultaat: 6060

Stap voor stap
  1. LET geeft de onderdelen een naam: aantalDagen is 47 uit C2, stap is 30 uit $F$1. eenheden deelt die twee: 47 / 30 = 1,5667 klassen van 30 dagen.
  2. geheleStappen kijkt naar het teken. 47 is niet negatief, dus AFRONDEN.NAAR.BOVEN(1,5667; 0) komt aan de beurt: er is een rest, dus 2.
  3. De laatste regel schaalt terug: 2 × 30 = 60. De factuur zit in klasse 60.
  4. Kopieer de formule omlaag:

    • D3: 30 / 30 = precies 1, geen rest, dus de klasse blijft 30
    • D4: 91 / 30 = 3,0333, één dag over de grens van 90, dus 4 × 30 = 120
    • D6: 200 / 30 = 6,6667, dus 7 × 30 = 210
  5. D5 is de factuur die nog niet vervallen is: -12 / 30 = -0,4. De tekentest is WAAR, dus AFRONDEN.NAAR.BENEDEN(-0,4; 0) rondt af in de richting van nul: 0. Uitkomst 0 × 30 = 0, de lopende klasse. AFRONDEN.NAAR.BOVEN had -1 × 30 = -30 opgeleverd, een klasse die niet bestaat.
  6. Zet F1 op 60:

    • D2 blijft 60 (47 / 60 = 0,7833 geeft 1)
    • D4 wordt 120 (91 / 60 = 1,5167 geeft 2)
    • D6 wordt 240 (200 / 60 = 3,3333 geeft 4)

Let op: De omgekeerde fout is de takken omwisselen: AFRONDEN.NAAR.BOVEN voor negatieve en AFRONDEN.NAAR.BENEDEN voor positieve dagen. Dan staat er 30 bij de factuur van 47 dagen (ouderdom te laag) en -30 bij de factuur die nog niet vervallen is, en elk cijfer ziet er keurig uit.

Meer over dit voorbeeld: waarom het werkt, nog 2 valkuilen, 2 varianten

Waarom het werkt

aantal_decimalen kent alleen machten van tien. Een klasse van 30 dagen bereik je daarom door eerst te delen, af te ronden op een heel aantal klassen en weer terug te vermenigvuldigen; LET maakt die drie stappen leesbaar en voert de deling maar één keer uit. De tekentest is nodig omdat AFRONDEN.NAAR.BOVEN altijd weg van nul gaat en daardoor voor een nog niet vervallen factuur een klasse van -30 zou verzinnen; AFRONDEN.NAAR.BENEDEN gaat in de richting van nul en brengt de factuur in 0.

Gebruik deze opbouw niet als de klasse een macht van tien is (dan volstaat AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2; -1) bij positieve dagen) of als je alleen het getal nodig hebt: AFRONDEN.BOVEN.WISK(C2; $F$1) geeft voor positieve en negatieve dagen dezelfde klasse, omdat die functie richting plus oneindig afrondt, en is het kortere alternatief.

Houd de LET-versie als een beoordelaar de tekenregel uitgeschreven moet zien, of als het beleid voor negatieve getallen kan afwijken van het plafond.

Meer om op te letten

  • Is F1 leeg of 0, dan deelt eenheden door nul en toont elke rij #DEEL/0!. Houd de klassegrootte in een eigen cel met een label, zoals hier, en typ geen 30 in de formule.
  • Controleer de klassedefinitie van de cliënt zelf. Hier blijft dag 30 in klasse 30 en gaat dag 31 naar 60. Zet de lijst van de cliënt dag 31 nog in klasse 30, dan sluiten de klassen niet aan en wijkt het subadministratietotaal per klasse af.

Varianten

=AFRONDEN.BOVEN.WISK(C2, $F$1)
=AFRONDEN.BOVEN.WISK(C2; $F$1)

Het kortere alternatief: 60 voor de eerste factuur en 0 voor de nog niet vervallen factuur, omdat AFRONDEN.BOVEN.WISK richting plus oneindig afrondt.

=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2, -1)
=AFRONDEN.NAAR.BOVEN(C2; -1)

Is de klasse 10 dagen in plaats van 30, dan doet een negatief aantal_decimalen het werk alleen bij positieve dagen: 47 wordt 50. Gebruik het niet bij negatieve dagen: -12 wordt -20.

Veelgemaakte fouten

Veelgemaakte fouten
SymptoomOorzaakOplossing
-12,3 wordt -13Een negatieve afwijking van -12,3 wordt -13, terwijl je -12 verwachtte.AFRONDEN.NAAR.BOVEN gaat in beide richtingen weg van nul. Wil je ook bij negatieve getallen de wiskundig hogere waarde, gebruik dan AFRONDEN.BOVEN.WISK(getal; 1); die rondt wel af richting plus oneindig.
Eén doos te veelAFRONDEN.NAAR.BOVEN(A2 / 12; 0) geeft bij 84 stuks 8 dozen, één te veel, en je ziet niet waarom.Waarschijnlijk staat er in A2 eigenlijk 84,00000001, of heeft een omzetting van tekst naar getal een restje achtergelaten. Controleer dat met =A2 - INTEGER(A2), en rond de invoer af op een zinnige nauwkeurigheid voordat je deelt.
Elke regel een cent te hoogJe gebruikt AFRONDEN.NAAR.BOVEN voor bedragen op een factuur, en elke regel komt een cent hoger uit dan wat de klant uitrekent.Bedragen rond je met AFRONDEN af op de dichtstbijzijnde cent. Houd AFRONDEN.NAAR.BOVEN voor aantallen, waar een restje echt één heel stuk extra betekent.